Column: Bij verantwoordelijkheid hoort ook financiële armslag

20-04-2020
1102 keer bekeken 3 reacties

Je gaat er over of niet. Bij de eerste kabinetten Rutte was dit het mantra. Als reactie op de stroperigheid van de polder wellicht begrijpelijk. Tegenwoordig hebben we het over één overheid, redenerend vanuit de maatschappelijke opgave.

Chris Kuijpers

Elke overheid speelt een rol om oplossingen te bereiken. We begrijpen heel goed dat het meer samen moet, maar als het niet goed gaat kiest ieder voor zich en vervallen we weer in het klassieke onderscheid Rijk versus andere overheden.

Dit moeten we voorkomen. ‘Je gaat er over of niet’ is echt verleden tijd is mijn opvatting. Ook als het soms niet goed gaat, moeten we blijven samenwerken. Daar hoort dan bij dat we samen oplossingen bedenken. Soms vergt dit een nationale reactie, maar veel vaker zullen we preciezer moeten weten wat er speelt en welke aanpak werkt of niet. Meer kennis van de lokale praktijk is daarbij cruciaal. Informatie moeten we met elkaar delen. Waarom gaan zaken goed of niet? Dat moeten we specifieker duiden en daarop vervolgens handelen.

Een goed voorbeeld vind ik de energietransitie. Alle overheden zich hebben gecommitteerd aan de doelstelling om tot een klimaatneutraal Nederland in 2050 te komen. Daarin zijn we met z’n allen aan het pionieren en ligt er een belangrijke rol voor gemeenten in bijvoorbeeld het toewerken naar aardgasloze wijken.

In ons discussiedocument ‘Nederland heeft één overheid nodig’ constateerden we dat dat niet altijd goed lukt om elkaar te vinden en dat soms de instrumenten ontoereikend zijn. Decentrale overheden hebben bijvoorbeeld niet de financiële instrumenten om de warmtetransitie in de gebouwde omgeving van de grond te krijgen. Tegelijkertijd kijken we wel met z’n allen naar hen om dit voor elkaar te krijgen.

Het zou in mijn ogen helpen als gemeenten eigen middelen kunnen inzetten voor de taken waar zij verantwoordelijk voor zijn. De eigen middelen van gemeenten zijn voor dit soort opgaven op dit moment onvoldoende en de risico’s om te investeren zijn groot. Wat mij betreft gaan we op zoek naar een manier om middelen samen te brengen zodat we ook echt samen verantwoordelijk worden voor het bereiken van ons gezamenlijke doel. We hebben vast nog meer instrumenten nodig om ons doel te bereiken. Zou de verruiming van het eigen belastinggebied voor gemeenten helpen om hun grote verantwoordelijkheden waar te kunnen maken? Zou een gezamenlijk investeringsvehikel misschien een optie zijn?

Afbeeldingen

3  reacties

Herman Mensen 21-04-20 om 18:30

Interessant vraagstuk hoe deze relatief nieuwe taken van gemeenten te bekostigen (maar men kan ook erover discussieren of het in de basis wel om nieuwe taken gaat). In hoeverre gaat het daarbij om medebewind of autonome taken van gemeenten? Het antwoord op die vraag biedt aanknopingspunten voor beantwoording van de vraag van bekostiging van de gemeentelijke taken op het terrein van de energietransitie.

Wat de verruiming van het eigen belastinggebied betreft: als zodanig leidt dat in beginsel tot een groter aandeel van de algemene en vrij besteedbare middelen in het totaal van de gemeente inkomsten. (Daarvoor zijn overigens ook geen nieuwe belastingen nodig voor gemeenten: een substantiële verhoging van de OZB-tarieven of de tarieven hondenbelasting leiden al tot een groter aandeel van de eigen inkomsten ten opzichte van de algemene uitkering en specifieke uitkeringen.) Het biedt op zichzelf bezien echter nog garantie op dekking van de gemeentelijke kosten voor investeringen in de warmtetransitie. Daar is meer voor nodig.

Een gezamenlijk investeringvehikel (GIV) is een optie als alle betrokkenen ook over de financiële middelen beschikken om dat vehikel te laten rijden. Daarbij moet naar ik meen verder worden gekeken dan alleen gemeenten en provincies. Ook maatschappelijke partners en het bedrijfsleven spelen daarbij een rol en zullen zich moeten committeren om de gezamenlijke doelen te bereiken, juist ook als het gaat om het investeren in de toekomst. 

Teun Frederik Bastemeijer 22-04-20 om 16:09

Overleg tussen centrale en decentrale overheden is natuurlijk nuttig. Het lijkt me dat het voorbeeld van de energietransitie te veel voorop wordt gezet, maar dat er op lokaal niveau veel dingen beter kunnen worden aangepakt dan centraal is juist. Daarbij kunnen diverse stakeholders hun inbreng hebben. Maar er moet worden opgepast voor lobbying en opportunistisch en winstgericht gedrag. Integrity risks moeten nadrukkelijk systematisch in kaart worden gebracht.

Het zou zeer verbazingwekkend zijn als extra belastingheffing door gemeenten effectief zou zijn, maar het opzetten van fondsen voor gemeenten die een gemeenschappelijke doelcombinatie opzetten zou een mogelijkheid zijn. Er zijn al waterschappen, recreatieschappen, en ook "Schappen"voor Klimaatadaptatie, of een breder doel van "Resilience" (w eestandsvermogen en bestendigheid) zouden als opties overwogen kunnen worden.

Bellen met Bernard 24-04-20 om 13:42

Elke week belt de redactie met Bernard ter Haar om de reacties op de column door te nemen. We tekenden op bij de voorzitter:

Kan verantwoordelijkheid ook zonder (extra) financiële armslag? 

In zijn column stelt Chris Kuijpers vast dat één overheid nu meer dan ooit nodig is. Samen oplossingen bedenken is het devies. Maar dat betekent niet dat je ook daadwerkelijk alles samen zou moeten doen. ‘Soms vergt dit een nationale reactie, maar veel vaker zullen we preciezer moeten weten wat er speelt en welke aanpak werkt of niet.’ Tegelijkertijd stelt hij vast dat er op de lagere overheden grote uitdagingen afkomen. 

Om die reden vraagt hij zich af of een verruiming van het eigen belastinggebied voor gemeenten zou helpen om hun grote nieuwe verantwoordelijkheden (zoals bijvoorbeeld rond de Energietransitie) waar te kunnen maken. Bovendien vraagt hij zich af of een nieuwe vorm (zoals een gezamenlijk investeringsvehikel) misschien een optie zou kunnen zijn. 

Herman Mensen wijst er in zijn bijdrage op, dat er onderscheid gemaakt zou moeten worden tussen ‘medebewind’ en autonome taken van gemeenten. Hij is het eens met de stelling dat extra budget min of meer noodzakelijk is. En dus wenselijk. En ziet ook wel iets in een gezamenlijk investeringvehikel (GIV). Dat is -in zijn ogen- een optie als deelnemers aan zo’n investeringsfonds ook over voldoende financiële middelen beschikken om daadwerkelijk slagkracht te bieden.

In de tweede bijdrage waarschuwt Teun Bastemeijer dat lokale veantwoordelijkheid niet moet leiden tot meer ‘lobbying en opportunistisch en winstgericht gedrag.’ Hij kijkt met enige welwillendheid naar een ‘nieuwe gezamenlijkheid’, maar constateert dat er ook al ‘heel veel waterschappen, recreatieschappen’, enzovoort zijn. En hij denkt dat het ‘zeer verbazingwekkend [zou] zijn als extra belastingheffing door gemeenten effectief zou zijn.’ 

Wat neem ik uit deze bijdragen mee?

  • De suggestie om maatschappelijke partners en het bedrijfsleven ook een rol toe te bedelen in een Investeringsfonds als ze ook echt iets in te brengen hebben vind ik interessant. Dat roept wel de vraag op: richten we ons met een investeringsfonds op integraliteit of op maatwerk
  • Daarmee doel ik op het feit dat de ene casus de andere niet is. Er zijn – afhankelijk van de casuïstiek steeds verschillende partners. Ook kosten en baten in de casussen verdelen zich verschillend over de partners. Als een marktpartij de revenuen ontvangt van de financiële inzet van anderen, dan werkt de constructie alleen als die marktpartij ook meefinanciert en risico draagt. 
  • De woningbouwopgave is zo’n voorbeeld. De overheid zelf bouwt geen woningen. Dat is aan private partijen en corporaties. De overheid investeert wel in de benodigde infrastructuur. Al met al een ingewikkeld geheel van kosten en baten waarin het nuttig kan zijn dat er een breed gedragen investeringsfonds in het leven wordt geroepen. 
  • Zit het dan in middelen alleen? Nee, wil ik benadrukken: we veranderen niks met geld alleen. Uiteraard, geld helpt. In de concrete casussen is geld alleen de oplossing niet. Ook, of misschien wel juist de manier van samenwerken maakt veranderen mogelijk. 

Cookie-instellingen